#634

Ontmoeting met mijn latere zelf Resa en Milan

Drie paarden
Foto: Leni de Jager

Dit verhaal is geplaatst in de categorie toekomst.

Alle categorieën

Resa en Milan uit groep 8 van KC De Ontdekkingsreizigers maakten in de Kinderboekenweek 2021 het verhaal van Simon van der Geest af. Eerst het verhaal van Resa ...

Ik kom beneden aan en ik zie … ik zie van alles! Ik zie pleinen met kraampjes en verschillende wegen. Platte, hobbelige, scheve wegen en nog veel meer. Ik zie voertuigen: elektrisch steppen en auto´s, scooters en auto´s op benzine. Ik zie mensen over de weg lopen met bikini´s en zwembroeken in de zomer. Dan opeens is het winter en zie ik mensen met sjaals en mutsen, met handschoenen en schoenen die je moet opladen zodat ze van binnen warm zijn.

Drie paarden

Bij een manege zie ik iemand die op mij lijkt. Wie is dat? Opeens zie ik het: dat ben ik over dertig jaar. Ik ben druk bezig met het trainen van een paard. Volgens mij weet ik hoe dat paard heet: Shadow, het Friese paard. Dan zie ik nog twee paarden. Dat zijn vast andere paarden die ik later heb: een pony die Pepper heet en nog een paard, Champion.

Oude bekenden

Ik loop een rondje door de manege. Daar zie ik nog iemand die op mij lijkt. Dat moet mijn dochter zijn! Verderop is een voetbalveld. Daar zie ik een oudere man die lijkt op iemand die ik goed ken. Het is mijn man, maar dan dertig jaar ouder. Wat doet hij bij het voetbalveld? Dan zie ik het: daar is ook mijn zoon. En daar, een oude vrouw. Zij was dertig jaar terug mijn schooljuffrouw. Ik kijk mijn ogen uit.

Opeens hoor ik een stem die zegt: “Nog één minuut, dan moet je terug.” Snel ren ik terug naar de ijsberg, en ZOEFFF! Ik ben weer dertig jaar terug in de tijd. Jammer, ik wilde de toekomst best verder bekijken.

Ook Milan maakte een uitstapje naar 2051

Ik stap af en kijk om me heen. Ik zie een soort vliegtuig, of nee: een auto. Wat is het nou? Hé, een taxi! Die neem ik om naar mijn huis te gaan. Als ik aankom in Westergouwe, zie ik dat het vijf keer zo groot is als in 2021. Kijk, dát is mijn huis en daar: De Ontdekkingsreizigers. Ik loop het winkelcentrum in.

Lekker eten in 2051

“Hé wie ben jij?”, vraagt een man. “Ik ben Milan”, zeg ik. “Ik ook. Wat is je achternaam?” “Kenter.” “Hé, zo heet ik ook! Zijn wij…?” “Jij bent mij in de toekomst!”, roep ik. “Echt waar?”, vraagt de man verbaasd. “Ja! Kom we gaan winkelen.” “Is goed.” “Wat voor rare winkel is dit?”, vraag ik. “Dit is de boekhandel van 2051”, legt Milan me uit. “Kom, we gaan verder. Ik moet boodschappen doen”, zegt hij. “Waar zit de supermarkt?” “Hier om de hoek.” “Wat voor een rare supermarkt is dit?”, roep ik verrast. “Dit is het eten van de tijd van nu.” “Is het lekker?” “Ja zeker, proef het maar.” “Oké …” “Lekker?” “Nou en of! Ik hoop dat ik in deze tijd mag blijven.” “Ik ook!” “Mag ik dan bij jou wonen tot ik misschien weer naar 2021 ga?” “Ja, natuurlijk mag dat.” “Oké! Kom, we gaan door met de boodschappen doen!”