#541

De scheve schaats van prins Hendrik Ed en Ronald van Rossum

Opa van Rossum
Foto SAMH, Evert van Rossum is de vijfde van rechts

Als ik aan de verjaardagen van mijn ouders denk, was het hele huis vol en wilde iedereen erbij zijn.

Het klikte tussen de familie van mijn vader en die van mijn moeder, en ze kenden elkaar goed. Er werd vreselijk gelachen om de verhalen die verteld werden. Verhalen over vroeger: anekdotes uit hun jeugd tot en met de jaren 70 en 80 in Gouda ‒ hun tijd. Over oude winkeltjes en bijzondere Goudse mensen. Het was altijd feest, en de tranen liepen vaak over de wangen. Dat is echt een familietrekje van de Van Rossums; alle broers en zussen van mijn vader hadden daar ‘last van’. Ook bij de nieuwe generaties komt de zakdoek nog regelmatig uit de broekzak.

Zakdoeken

Vooral mijn vader Cor en zijn iets oudere broer Joop van Rossum waren sterren in het ophalen van verhalen uit de familiegeschiedenis. Meestal over hun jeugd in de Sint Josephstraat in Kort Haarlem. Mijn broer Ed heeft ooit met een cassetterecorder een gesprek tussen mijn vader en oom Joop opgenomen waarin ze herinneringen ophaalden. Soms onverstaanbaar omdat ze zo moesten lachen. Dan zíe je de zakdoeken bijna uit de broekzak komen!

Het verhaal waaraan ik vaak denk is dat van mijn opa Evert zoals mijn vader en oom Joop dat vertelden. Voor de zekerheid bel ik broer Ed even; wat weet jij nog van dat verhaal? Zijn herinnering is vrijwel gelijk aan de mijne, maar het verhaal is tot ons gekomen via de overlevering. Dus of het waar is of een legende? Wij weten het niet.

Een liefje in Gouda

Opa Evert van Rossum werkte bij de spoorwegen als seinwachter. Zo is hij ook in Gouda terechtgekomen; spoormensen werden regelmatig overgeplaatst. Maar Gouda bleek zijn laatste overplaatsing.

Op zondag werd er soms aangebeld en dan moest opa gaan werken. Dat was een bijzonder en geheim klusje. Als je dienst had in de jaren 30 van de vorige eeuw, kon het namelijk gebeuren dat je de prins-gemaal, prins Hendrik, naar het station moest brengen. Het verhaal gaat dat de echtgenoot van koningin Wilhelmina een liefje in Gouda had … Zij woonde op de Kattensingel en de prins was er regelmatig te vinden. Prins Hendrik mocht als echtgenoot van de koningin niet veel doen en verveelde zich. Daarom zocht hij zijn vertier buiten de paleismuren van paleis Huis ten Bosch.

Hij is er weer

Hendrik dronk dan regelmatig iets te veel, waardoor hij niet meer zelf naar het station kon lopen. De seinwachter en andere collega’s werden dan opgeroepen om hem op de goede trein naar Den Haag te zetten. Ze hoefden alleen maar te zeggen ‘Hij is er weer, hij komt eraan’ ‒ verder werd er geen naam genoemd. Het moest geheim blijven, maar natuurlijk werd er thuis over gesproken en is het nu een mooi Gouds Verhaal!