#168

Ik bekijk wat er wél kan Iddo Bakker

Iddo Coronaverhalen gemeente Gouda

“Een vereniging leiden gebeurt normaal een beetje op de automatische piloot, omdat grofweg ieder jaar dezelfde zaken terugkomen. Iets als corona kun je niet verwachten, daar zijn geen draaiboeken voor.”

Aan het woord is voorzitter Iddo Bakker van de Stedelijke Harmonie Caecilia. Hij nam al helemaal aan het begin van de coronapandemie de beslissing activiteiten te staken. “Ik weet het nog goed. Op woensdagavond repeteerden we nog en het weekeinde erop zouden we naar Apeldoorn gaan. Daar zouden we ons jaarlijkse verenigingsuitje hebben met veel spelen, lekker muzikaal bezig zijn en natuurlijk de bar. Die vrijdag nam ik het besluit om de reis af te gelasten ondanks het geld en de zin van de leden. Het voelde gewoon niet goed.” Dat weekend besloten we als bestuur om de vereniging helemaal stil te leggen.

Leden steunden de maatregelen

Iddo Bakker was er snel bij, maar vlak erna kwam het advies van het overkoepelend orgaan en de rijksoverheid om alle activiteiten te stoppen: de eerste lockdown. “Dat was een bevestiging. Ik ben ook gesterkt door de leden die positieve reacties gaven en de maatregelen steunden.” Natuurlijk is de volgende vraag hoe we de vereniging in leven konden houden. Want er zijn geen barinkomsten, huurders zegden de huur voor Muziekpand50 op en waarom zouden mensen lid blijven als ze er niets voor terugkrijgen?”


Trots op de sterke vereniging

Dat laatste viel heel erg mee. Niemand zegde op. “We zijn er financieel goed doorheen gekomen, want de contributies liepen en lopen door. Mensen zijn heel betrokken. Alleen artistiek boet je in aan kwaliteit. Want thuis oefenen is toch heel anders dan gezamenlijk spelen. Toen de maatregelen weer wat soepeler werden, hadden we een plan liggen: we splitsten het orkest in tweeën en repeteerden met kleinere groepen.”

Een tweede stop

“We werkten toe naar ons optreden in oktober. Twee groepen en enkele ensembles zouden los van elkaar optreden met meerdere voorstellingen op dezelfde avond. Dat was lastig te plannen, maar wel te doen. Helaas ging het toch weer mis in de herfst. En ook dit optreden bliezen we af, omdat ik het onverantwoord vond. Volgens de regels kon het, maar we gingen toch in ‘winterstop’.”

De voorzitter zegt het in het interview een aantal maal: ‘kijken wat wél kan’. Dat leverde nieuwe initiatieven op. Er kwamen ensembles van 8 tot 10 mensen met muziek die daarbij past. Zo kunnen de muzikanten blijven repeteren. “Alleen voor mensen die dat leuk vinden. Het is een drempeltje: kleinere groepen vragen natuurlijk leiderschap, want je speelt zonder dirigent. En verstoppen in groot gezelschap is er niet bij.” Bakker bekent: “Ik heb een paar keer meegedaan. Vooraf had ik er zelf ook niet zo’n hoge verwachting van, maar achteraf blijkt de tijd om te vliegen en is het heel leuk om te doen!”

Corona leert ons nieuwe dingen

Misschien houdt de voorzitter de ensembles erin na corona. “In kleine groepjes werken naar een groter geheel is mogelijk en leerzaam. Daar gaan we eens over nadenken. De pandemie leert ons ook weer dingen, zonder corona hadden we het nooit gedaan. Maar heel belangrijk is het sociale deel van onze vereniging. Hoe houden we mensen bij elkaar en zorgen we ervoor dat ze er niet aan onder doorgaan? De afgelopen maanden lieten zien dat we een sterke vereniging zijn en daar ben ik trots op.”

corona  /  harmonie  /  Muziek