#125

Alcoholge- of misbruik Willem den Boer

Kattensingel 1900 SAMH 58781

Jan Nederhoff (mijn grootvader, 1891-1975) en zijn broers werkten op de vletten, platte schuiten van hun vader. Jan noteerde zijn herinneringen in een schriftje.

Zonder vervoer over water kan een stad als Gouda niet bestaan. Dat wordt al eeuwenlang gedaan door gewone mensen. Sjouwers, kruiers, vrachtrijders met paard-en-wagens en allerlei scheepsvolk.

Boterham en borreltje

Een gewone werkdag 1910, vijf uur ‘s morgens. Op de schepen en scheepjes in de Kattensingel en de Turfsingel is al bedrijvigheid genoeg. Twee jongemannen, broers Toon en Jan, manoeuvreren hun vlet richting Mallegatsluis. Bij de sluis moeten ze wachten, dus tijd voor een boterham en borreltje (of twee) die ze drinken in een cafeetje aan de Veerstal. Wanneer ze door de sluis zijn, steken ze met veel vakmanschap de Hollandsche IJssel over naar de Stolwijkersluis. Weer gelukt! Tijd voor een boterham met worst en borreltje (of twee) bij een van de cafeetjes daar. Het is negen uur. Ze gaan op weg door de Stolwijkervaart en verder, waar een boer wacht op zijn veevoer. Het is aanpoten met z’n tweeën, want alles moet met de schop in kruiwagens overgeladen worden.

Einde van het alcoholmisbruik

Soms moeten Toon en Jan zo ver, dat ze overnachten in de boot. Dat doen ze graag voor vijftig cent extra per persoon! Dan kopen ze een brood voor veertien cent en een ons worst, en van de rest kunnen ze borreltjes kopen voor vijf cent per glaasje. Als de jongemannen weten dat er geen cafeetje of slijter in de buurt is, zorgen ze zelf voor proviand. Twee ponden wittebrood voor veertien cent, flesjes bier voor vijf cent, een kan jenever voor tachtig cent. Hoezo ‘alcoholmisbruik’? Ze werden er oud mee.

In 1912 werd het Schipperswachtlokaal bij de Mallegatsluis gebouwd. Pas in 1923 nam de Nederlandsche Vereeniging tot Afschaffing van Alcoholische Dranken het lokaal over. Einde van het alcoholmisbruik rond de Mallegatsluis.